Jutta Leerdam wil deze maand maar één ding: eindelijk olympisch goud. In haar zoektocht naar het laatste beetje winst kijkt de Nederlandse sprintster over de grens. Ze heeft contact gezocht met de Amerikaan Jordan Stolz om samen te trainen. Een opvallende zet, waar oud-topper Marianne Timmer begrip voor heeft, maar ook vragen bij stelt.
Waarom Leerdam naar Stolz kijkt
Leerdam traint al langer geregeld met mannen om haar basissnelheid op te krikken. Dat helpt haar om hogere snelheden aan te kunnen en langer vast te houden, precies wat het verschil kan maken op de 500 en 1000 meter. Omdat ze vaak individueel naar toernooien reist, mist ze soms een vaste ploegstructuur met sparringpartners. Een samenwerking met iemand die evenveel reist en op vergelijkbare tijden op het ijs staat, is dan logisch. Stolz, meervoudig wereldkampioen en misschien wel de snelste man van het moment, past exact in dat profiel.
Volgens berichtgeving in De Telegraaf heeft Leerdam bij Stolz geïnformeerd naar gezamenlijke ijssessies. Niet als formele ploeggenoot, maar als trainingsmaatje: een paar rondjes in elkaars spoor, kijken naar techniek, tempo’s testen en het lichaam prikkelen. Voor een topschaatser die op detailniveau zoekt naar verbetering zijn dat waardevolle minuten.
Wat er op tafel ligt
De staf rondom de twee toppers kent elkaar goed. Kosta Poltavets begeleidt Leerdam en werkt al jaren in het internationale sprintcircuit. Bob Corby staat bij Stolz aan het roer en wordt gezien als een vakman met oog voor techniek. Beide kampen houden de deur open voor pragmatische samenwerking, maar willen er geen officieel samenwerkingsverband van maken. Het blijft informeel: als de agenda’s passen en het ijs beschikbaar is, kunnen ze samen rijden.
Uit kringen rond Stolz klinkt dat hij er geen moeite mee heeft als Leerdam in zijn kielzog meedraait. Voor een pure allround sprinter zoals hij, die vaak solo werkt, is een sterke trainingspartner ook gewoon nuttig. De grens tussen concurrentie en samenwerking is in het moderne topschaatsen nu eenmaal dun.
Kritische kanttekening van Marianne Timmer
Marianne Timmer, drievoudig olympisch kampioene, begrijpt de sportieve logica, maar ziet ook het politieke randje. In een podcast van Sportnieuws.nl nuanceerde ze het plan: voor Stolz is het geen eenvoudige keuze. Aan de ene kant help je een collega die zich wil verbeteren; aan de andere kant heb je landgenoten als Erin Jackson en Brittany Bowe, directe rivalen van Leerdam op het olympische toneel. In zo’n setting speelt nationale loyaliteit nu eenmaal mee.
Timmer wijst erop dat samenwerken met een buitenlandse hoofdconcurrent gevoelig kan liggen in de kleedkamer. Zeker wanneer de Spelen bezig zijn en elke trainingsronde, elke set data en elk gevoel voor tempo extra gewicht krijgt. Het is niet verboden en ook niet ongebruikelijk, maar het vraagt om goede afspraken en heldere grenzen.
Waarom trainen met mannen werkt
Sportief gezien is de gedachte simpel: als je traint met iemand die net wat harder gaat, word je meegenomen naar een tempo dat je alleen minder makkelijk aantikt. Door in het zog te rijden leer je langer hoge snelheden vast te houden zonder zelf alle wind te vangen. Dat past perfect bij het 1000-meterprofiel, waar de tweede helft van de race vaak beslissend is.
Bovendien dwingt het rijden van bochten op hogere snelheid je techniek te verscherpen. Je moet stabieler staan, je drukmomenten preciezer kiezen en je afzet strakker timen. Die technische winsten zijn moeilijk in een rustige solotraining te simuleren. Timmer zegt daar uit eigen ervaring begrip voor te hebben: de extra prikkel van een snellere haas kan nét het verschil maken in de aanloop naar een piekwedstrijd.
De Amerikaanse knipoog
Dat Leerdam zich zichtbaar thuis voelt in de Verenigde Staten helpt waarschijnlijk ook. Ze brengt er geregeld tijd door, kent de ijsbanen, en heeft met haar relatie met Jake Paul een duidelijk Amerikaans lijntje. Dat maakt het praktisch makkelijker om met atleten en coaches daar af te stemmen en verlaagt de drempel om samen te rijden, zonder dat er meteen een formele teamstructuur nodig is.
Kans en risico richting de Spelen
De winstkansen zijn helder: hogere trainingssnelheden, betere race-economie en feedback van een uitzonderlijke schaatser. De risico’s zitten vooral in de perceptie en in informatie-uitwisseling. In topsport is data goud waard. Ronderegistraties, hartslagcurves, versnellingstiming: het zijn stukjes puzzel die je doorgaans liever binnen je eigen team houdt. Bij informele sessies is het daarom zaak om grenzen af te spreken: samen op tempo, maar geen open keuken met alle cijfers op tafel.
Daarnaast speelt het mentale aspect. Gezamenlijk trainen kan de scherpte verhogen, maar het kan ook onrust geven als het ritme niet klopt of als er extern rumoer over ontstaat. Leerdam en haar coach zullen waken over de balans: alleen doen wat het prestatiedoel ondersteunt, en wegblijven van afleiding.
De bredere trend in het schaatsen
Het plan past in een bredere ontwikkeling. Steeds meer topschaatsers opereren als zelfstandige profs of in kleine, flexibele cellen. Ze zoeken trainingsprikkels buiten de traditionele ploegstructuren, net als in wielrennen of atletiek. Je ziet vaker dat internationale toppers een ijsuur delen of samen starts oefenen, zeker als ze op dezelfde baan verblijven tussen wedstrijden door.
Stolz is daar een goed voorbeeld van. Hij reist vaak met een compacte staff en heeft laten zien dat een minimalistische aanpak kan werken. Voor Leerdam, die de afgelopen seizoenen eigen keuzes durft te maken in coaching en planning, is flexibel samenwerken een logisch verlengstuk van die aanpak.
Wat we de komende weken kunnen verwachten
Mocht het tot gezamenlijke trainingen komen, dan zullen die waarschijnlijk kort en doelgericht zijn: een paar starts, een blokje rondetempo’s, of een technische set in bochten. Niks groots, maar precies genoeg om het lichaam te prikkelen en vertrouwen op te bouwen. De echte lakmoesproef volgt natuurlijk op het olympische ijs, waar de marges minimaal zijn en één foutje te veel is.
Voor Leerdam liggen de schijnwerpers op de 1000 meter, haar kroonafstand, en de 500 meter als bonuskans. Bij de mannen is Stolz topfavoriet op meerdere sprintafstanden. De mogelijkheid dat ze in de dagen ervoor eens samen op het ijs verschijnen, zal dan ook gespitste blikken opleveren. Niet zozeer omdat er iets geheimzinnigs gebeurt, maar omdat elke indicatie van vorm en snelheid nu wordt gelezen alsof het al de uitslag voorspelt.
Vooruitblik
Of de samenwerking met Stolz daadwerkelijk het beslissende zetje geeft, weten we pas als de tijden op het bord staan. Wat vaststaat: Leerdam zoekt actief naar manieren om beter te worden en laat zich niet beperken door grenzen of gewoontes. Dat past bij de moderne topsporter. Als de informele sessies de juiste prikkel geven zonder ruis te veroorzaken, heeft ze er een krachtig wapen bij. Lukt dat niet, dan is er niets verloren en keert ze terug naar haar vertrouwde plan.
De komende weken draait alles om doseren, fijnslijpen en koel blijven onder druk. Met of zonder Stolz in haar kielzog zal Leerdam aan de start staan met één doel: de rit van haar leven rijden, precies op het moment dat het er het meest toe doet.








