In de Krimpenerwaard is een opvallende rel ontstaan rond een lokaal verkiezingsdebat over natuur en klimaat. Forum voor Democratie (FVD) zegt dat de partij niet mag aanschuiven bij een zogeheten groen debat in Lekkerkerk. De organisator, de Natuur- en Vogelwacht Krimpenerwaard (NVWK), zou FVD hebben afgewezen vanwege de standpunten van de partij over klimaatbeleid en subsidies voor actiegroepen. De kwestie roept vragen op over open debat, wie er aan tafel mag zitten en hoe inclusief zulke bijeenkomsten in de praktijk zijn.
Wat is er precies gebeurd?
De NVWK organiseert in aanloop naar de verkiezingen een debat in Lekkerkerk, met als thema natuur, klimaat en de energietransitie. Volgens FVD-voorman in de regio, Jaron Buitelaar, is zijn lokale afdeling niet welkom. Hij deelde dat nieuws via X en sprak van een debat dat liever geen tegengeluid toelaat. Het debat richt zich op partijen en kandidaten met plannen voor de groene agenda in de regio.
In een afwijzingsbericht aan FVD, waarnaar Buitelaar verwijst, stelt de NVWK dat de partij niet wordt uitgenodigd omdat FVD subsidies aan volgens hen links-activistische organisaties wil stopzetten en de partij de klimaatcrisis ontkent. Daarmee, zo schrijft de organisatie, zou FVD geen inhoudelijke meerwaarde bieden aan een debat waarin de uitgangspunten van natuur- en klimaatbeleid centraal staan.
Wat zegt FVD?
Jaron Buitelaar reageerde scherp. Op X stelde hij dat FVD Krimpenerwaard wordt uitgesloten van het ‘groene’ verkiezingsdebat in Lekkerkerk. Volgens hem gebeurt dat omdat hun ideeën anders zijn dan die van de overige deelnemers. In zijn woorden: debatteren wordt dan minder leuk als er echt meningsverschil is. Buitelaar vraagt zich af of een debat niet juist bedoeld is om visies te toetsen en de verschillen zichtbaar te maken voor kiezers. Hij noemt de beslissing ondemocratisch en ziet het als een voorbeeld van het buitensluiten van kritische geluiden.
Hoe reageert de organisatie?
De NVWK kiest er bewust voor om het debat te focussen op partijen die de wetenschappelijke consensus over klimaatverandering erkennen en die meewerken aan praktische oplossingen voor de regio, zoals energiebesparing, natuurherstel en de inpassing van duurzame opwek. Tegelijkertijd schrijft de organisatie in dezelfde boodschap dat (lokale) overheden alle groeperingen gelijk zouden moeten behandelen en niemand bij voorbaat zouden moeten uitsluiten. Dat laatste zinnetje zorgt voor verwarring en kritiek: als het debat wil laten zien hoe beleidskeuzes tot stand komen, waarom wordt dan een partij uitgesloten die een duidelijke andere richting voorstaat?
De NVWK ziet het debat als een thematische bijeenkomst met een specifiek doel en kader. Vanuit die invalshoek is het voor de organisatie verdedigbaar om partijen uit te nodigen die binnen dat kader willen werken. Volgens FVD gaat het juist om het kader zélf, en hoort discussie daarover bij een open debatcultuur.
Is dit nog wel een debat?
De kern van de discussie draait om de vraag wat je een debat noemt. Een themadebat kan nadrukkelijk kiezen voor sprekers die binnen een bepaald beleidskader willen zoeken naar oplossingen. Dat kan het gesprek concreter maken, maar beperkt ook het spectrum aan meningen. Het risico is dat zo’n avond verandert in een uitwisseling tussen grotendeels gelijkgestemden. Voorstanders zeggen: dat leidt tot praktische stappen. Critici noemen het een echokamer.
Andersom geldt ook: een breed debat met fundamenteel verschillende uitgangspunten kan scherp, soms fel, maar ook verhelderend zijn. Kiezers zien dan beter welke keuzes op tafel liggen en wat die betekenen voor kosten, ruimtelijke impact en tempo van verandering. De vraag in Lekkerkerk is of het groene debat bedoeld is als werkbijeenkomst voor beleidsdenkers of als podium waar alle geluiden, ook buiten het dominante kader, gehoord worden.
Achtergrond: FVD en het klimaatdossier
Forum voor Democratie staat landelijk bekend als kritisch op het klimaatbeleid. De partij betwijfelt de noodzaak en effectiviteit van nationale maatregelen en verzet zich tegen omvangrijke subsidies, hoge lasten voor burgers en de inpassing van windmolens en zonneparken in het landschap. Lokale afdelingen, zoals in de Krimpenerwaard, leggen vaak de nadruk op betaalbaarheid, betrouwbaarheid van energie en bescherming van het open landschap. Daarmee botst FVD geregeld met natuurorganisaties en partijen die snel willen doorpakken met de energietransitie.
In dat licht is het begrijpelijk dat een groen debat al snel spanning oproept: het gaat niet alleen om wát je doet, maar ook om de vraag of je de uitgangspunten van het beleid deelt. En dan rijst opnieuw de principiële vraag: organiseer je een thematisch werkgesprek binnen een vastgesteld kader, of kies je voor een publiek debat waarin ook dat kader zelf ter discussie staat?
Democratie en toegang tot podia
Organisaties die debatten organiseren, zeker particuliere verenigingen, mogen in principe zelf bepalen wie ze uitnodigen. Juridisch is het dus vaak rechtmatig om de selectie te beperken. Tegelijkertijd schuren zulke keuzes aan tegen een bredere democratische norm: in verkiezingstijd wil je partijen de ruimte geven om zich te presenteren en elkaar uit te dagen. Zeker op lokaal niveau, waar inwoners direct de gevolgen van beleid merken, helpt het als alle relevante stromingen zich kunnen laten zien.
Daar komt bij dat veel kiezers juist helderheid willen. Wat kost het? Wat levert het op? Hoe ziet de omgeving er straks uit? Een debat waar alleen eensgezinde partijen aan tafel zitten, biedt overzicht en diepgang binnen één lijn. Een debat met een bredere bezetting geeft meer contrast en laat principiële verschillen beter zien. Beide vormen hebben waarde, maar transparantie over de keuze en de criteria is dan wel essentieel.
Reacties in de regio en mogelijke gevolgen
De beslissing om FVD niet uit te nodigen kan twee kanten op werken. Voorstanders van het groene kader zullen het debat waarderen als een avond met concrete plannen en minder polarisatie. Tegenstanders zullen het zien als een gemiste kans voor een echte uitwisseling van ideeën. Voor FVD is de afwijzing in elk geval munitie om te wijzen op uitsluiting en het belang van tegenspraak. De partij kan elders in de regio eigen bijeenkomsten organiseren om toch het gesprek met kiezers te voeren.
Voor de NVWK en andere betrokken partijen is het van belang om duidelijk te blijven over de opzet: wat is het doel van de avond, en waarom passen bepaalde partijen daar volgens de organisatie niet in? Hoe transparanter die uitleg, hoe kleiner het risico dat de discussie blijft steken in verwijten over censuur of, omgekeerd, over ontkenning van feiten.
Hoe nu verder?
Of de NVWK de beslissing nog heroverweegt, is niet bekend. Ook is niet duidelijk of andere organisaties in de Krimpenerwaard overwegen een breder verkiezingsdebat te organiseren waar alle partijen, inclusief FVD, welkom zijn. Dat zou een aanvulling kunnen zijn op het groene themadebat: één avond voor de inhoud binnen het bestaande beleid, en één avond voor het grotere gesprek over koers, tempo en grenzen van de transitie.
Wat deze kwestie in elk geval duidelijk maakt: in aanloop naar de verkiezingen is behoefte aan openheid, scherpe maar respectvolle uitwisseling en eerlijke informatie. Kiezers willen weten waar partijen voor staan, waar de verschillen zitten en wat dat concreet betekent voor hun portemonnee, hun leefomgeving en de toekomst van het landschap.
Samengevat: FVD zegt te zijn geweigerd voor een groen debat in Lekkerkerk omdat de partij afwijkt van de uitgangspunten van de organisatie. De NVWK kiest voor een thematische insteek en nodigt daarom alleen partijen uit die binnen dat kader opereren. Daarmee staat de balans tussen thematische focus en brede democratische representatie weer op scherp. Of er alsnog ruimte komt voor een breder debat in de Krimpenerwaard, zal de komende weken moeten blijken.









