De aanloop naar het nieuwe Formule 1-tijdperk krijgt een onverwachte wending. Terwijl Ferrari en Audi hun duurzame brandstoffen al door de keuring hebben, wachten Mercedes, Red Bull Ford en Honda nog op het definitieve akkoord. Dat zorgt voor nervositeit bij topteams die normaal niets aan het toeval overlaten. De FIA staat wel een tijdelijke oplossing toe, maar die komt met risico’s: achteraf kan diskwalificatie volgen als de gebruikte brandstof niet aan alle eisen voldoet. De komende weken zijn dus cruciaal.
Nieuwe regels, twee routes naar duurzame brandstof
Vanaf dit seizoen moeten alle brandstofleveranciers volledig duurzame brandstof gebruiken. Daar zijn grofweg twee paden voor. De eerste is biofuel, gemaakt uit biomassa zoals gewassen en afvalstromen. De tweede is e-fuel, een synthetische brandstof die ontstaat door water te splitsen in waterstof (via elektrolyse) en dat te combineren met CO2 om zo een bruikbaar mengsel te maken. Beide varianten moeten niet alleen duurzaam zijn, maar ook passen bij de extreem gevoelige F1-motoren.
Ferrari en Audi hebben hun zaakjes op tijd afgerond. Shell, de vaste partner van Ferrari en tevens leverancier voor klantenteams Haas en Cadillac, heeft de benodigde goedkeuring al op zak. De nieuwe SF-26 legde tijdens de eerste testweek in Bahrein zelfs al kilometers af met deze biofuel. Audi kan eveneens door dankzij BP, dat de homologatie succesvol afrondde. Shell kiest dus voor biofuel, terwijl andere fabrikanten vooral op e-fuel mikken.
Waar de bottleneck zit: het homologatieproces
Het hart van het probleem zit in de homologatie, de officiële keuring die elk brandstofmengsel moet doorlopen. De FIA heeft de Britse organisatie Zemo aangewezen om dit proces te begeleiden en te controleren. Zemo kijkt niet alleen naar prestaties en samenstelling, maar ook naar de volledige duurzaamheidsketen: van herkomst van grondstoffen tot en met het totale CO2-effect over de levenscyclus. De deadline voor goedkeuring is 1 maart, en volgens bronnen lopen drie van de vijf partijen tegen vertraging aan.
Vooral Mercedes met Petronas, Red Bull Ford met ExxonMobil en Honda met Aramco zitten nog in de wachtkamer. Zij hopen snel groen licht te krijgen voor hun e-fuels. Dat die route complex is, verrast niet. Synthetische brandstoffen vragen om nauwkeurige chemie, stabiele aanvoer van duurzame waterstof en CO2, en bewijs dat alles echt ‘schoon’ tot stand komt. Elk detail kan het verschil maken tussen goedkeuring of extra tests.
Tijdelijke vrijstelling, maar met een scherpe rand
Om te voorkomen dat teams hun auto’s niet kunnen inzetten, staat het reglement deelname met een ‘voorlopige’ brandstof toe. De FIA heeft nog niet tot in detail uitgelegd hoe dat precies wordt ingevuld. In de praktijk betekent het dat een team kan racen met een mengsel dat nog niet volledig is goedgekeurd, zolang het binnen de afgesproken kaders blijft en de procedure loopt.
Daar zit echter een duidelijk risico aan. Als later blijkt dat de gebruikte brandstof niet aan alle eisen voldoet, kan de FIA alsnog ingrijpen. De standaardstraf in zulke gevallen is diskwalificatie, net zoals bij andere illegale componenten. Een sterk weekend kan zo achteraf in rook opgaan. Voor titelkandidaten als Mercedes en Red Bull is dat scenario ondenkbaar, maar het spookt ongetwijfeld mee in elke strategische afweging.
Sportieve en technische gevolgen voor de teams
Brandstof is in de Formule 1 niet alleen een energiedrager; het is een integraal onderdeel van de motorafstemming. Mengsel, verbrandingstemperatuur en energiedichtheid bepalen hoe de power unit presteert en hoe betrouwbaar hij blijft over een raceafstand. Een nieuw, duurzaam mengsel kan net anders reageren, waardoor kalibratie, software en motorbescherming aangepast moeten worden.
Teams die nog wachten op definitieve goedkeuring zitten dus in een lastige spagaat. Ze willen kilometers maken en data verzamelen, maar ze willen ook voorkomen dat ze afstellingen ontwikkelen rond een tijdelijke brandstof die straks net anders is dan de gehomologeerde versie. Dat kan kostbare tijd kosten als later alles opnieuw fijn-afgesteld moet worden. Tegelijk is niet rijden geen optie: concurrenten zitten niet stil, zeker niet nu Ferrari en Audi hun programmaschema op orde hebben.
Druk richting seizoenstart in Australië
Volgens betrokkenen lijkt de seizoensopener in Australië niet direct in gevaar te komen. Teams zonder definitieve goedkeuring kunnen dus starten met een voorlopige brandstof. Maar dat is een wankel evenwicht. Elke sessie die verreden wordt zonder volledige zekerheid, vergroot de sportieve en juridische spanning. Een fout marge is er nauwelijks als later controleren uitwijst dat het mengsel ergens niet aan de letter van de regels voldeed.
Voor Mercedes en Red Bull betekent dit dat elk etmaal telt. De technische afdelingen werken samen met hun leveranciers om de laatste hobbels weg te nemen. Papierwerk, testresultaten, duurzaamheidscertificaten en traceerbaarheid door de hele keten: alles moet kloppen voordat Zemo en de FIA hun laatste parafen zetten.
Waarom biofuel nu sneller door de keuring lijkt te komen
Dat Shell al door is met biofuel en BP met zijn mix niet achterblijft, past in het beeld dat biobrandstoffen in de huidige fase iets voorspelbaarder zijn. De productieketens bestaan langer, de grondstoffen zijn bekend en de variatie in samenstelling is beter te beheersen. E-fuels zijn veelbelovend omdat ze schaalbaar kunnen worden met groene stroom en afgevangen CO2, maar de industriële opschaling en de strenge, aantoonbare duurzaamheidseisen maken het traject gevoelig voor vertraging.
Belangrijk is ook dat ‘duurzaam’ in de F1 niet alleen een label is. De volledige keten telt mee: hoe is de grondstof gewonnen, hoeveel energie is verbruikt, wat is de herkomst van die energie, en hoe wordt transport en opslag geregeld? Zulke vragen bepalen of een brandstof echt voldoet aan de afspraken die de sport heeft gemaakt in de route richting lagere emissies.
Wat gebeurt er de komende weken?
In de korte termijn draait het om afronden, aantonen en onderbouwen. Leveranciers moeten met harde data komen: chemische analyses, motortests, emissiemetingen en lifecycle-rapporten die de duurzaamheidsclaims staven. Zemo beoordeelt dat pakket en toetst aan de FIA-eisen. Pas daarna volgt het definitieve stempel en kunnen teams met een gerust hart racen zonder juridische staartjes.
Mocht dat stempel toch langer op zich laten wachten, dan zullen teams die keuze moeten maken: rijden met de voorlopige mix of een deel van het programma omgooien. Geen van beide opties is ideaal. De eerste kan sportief lonen, maar brengt het gevaar van een latere correctie met zich mee. De tweede is veiliger, maar levert mogelijk een competitief nadeel op richting de eerste races.
Conclusie: Tijdsdruk en risico’s houden het veld in spanning
Ferrari en Audi hebben een voorsprong nu hun duurzame brandstoffen zijn goedgekeurd en al op de baan zijn getest. Mercedes, Red Bull Ford en Honda moeten in korte tijd de laatste punten binnenhalen om dezelfde zekerheid te hebben. De FIA laat met de voorlopige regeling zien dat de sport het seizoen niet wil laten ontsporen, maar die coulance verandert niets aan de eindtoets: als de brandstof niet aan de regels voldoet, volgt ingrijpen en kan diskwalificatie niet worden uitgesloten.
De komende weken beslissen dus veel. Komen de laatste handtekeningen op tijd, dan kan iedereen met een schone lei aan de start verschijnen. Als de homologatie toch stokt, gaan we een seizoen in met schaduwen op de achtergrond. Voor de topteams is dat geen prettig vooruitzicht, en precies daarom draait de homologatiemolen nu op volle toeren.








