Een plan van D66, gesteund door VVD en CDA, zorgt voor veel discussie in Den Haag. De partijen willen de verhoging van het eigen risico in de zorg koppelen aan een nieuwe manier van betalen per behandeling. Het gaat om één wetsvoorstel met twee onderdelen die op verschillende momenten zouden ingaan. Critici vrezen dat verzekerden daardoor eerst meer betalen, terwijl verlichting pas later volgt.
Het voorstel in het kort
De kern van het plan bestaat uit twee wijzigingen. Allereerst zou het maximale eigen risico in 2027 stijgen naar 520 euro per jaar. Daarnaast komt er een systeem van tranchering: patiënten betalen per behandeling maximaal 150 euro aan eigen risico, in plaats van dat alle kosten aan het begin van het jaar meteen volledig van het eigen risico afgaan. Dit tweede deel zou pas in 2028 ingaan.
De combinatie in één wetsvoorstel is bewust gekozen, zegt initiatiefnemer Hidde Synhaeve (D66). Volgens hem hoort het bij elkaar: de hogere jaarlijkse grens en de beperking per behandeling. “Het is belangrijk ze in samenhang te kunnen wegen,” stelde hij in het debat.
Waarom de bundeling gevoelig ligt
Dat beide maatregelen aan elkaar zijn gekoppeld, is precies waar de weerstand over gaat. Omdat de invoeringsdata verschillen, ontstaat er een gat: de verhoging van het eigen risico zou eerder gaan gelden, terwijl de tranchering later volgt. In de praktijk betekent dit dat verzekerden mogelijk een jaar lang wel de hogere drempel voelen, maar nog niet profiteren van de per-behandeling-limiet.
Voorstanders noemen het voorstel een pakket dat het systeem op de langere termijn eerlijker maakt: wie meerdere kleine behandelingen heeft, wordt niet meer in één keer hard geraakt. Tegenstanders spreken juist van politieke druk: wie de verhoging wil tegenhouden, blokkeert dan óók de tranchering. In de Kamer klonk daarom de zorg dat de bundeling de afweging vertroebelt.
Vragen over haalbaarheid en timing
Meerdere oppositiepartijen zetten vraagtekens bij de uitvoerbaarheid. GL/PvdA-Kamerlid Julian Bushoff vroeg of het überhaupt realistisch is om de tranchering zo snel na de verhoging te kunnen invoeren. “Is het überhaupt haalbaar om die tranchering al volgend jaar in te voeren?”, wilde hij weten, wijzend op de grote aanpassingen bij verzekeraars en zorgaanbieders die daarvoor nodig zijn.
Ook onafhankelijk Kamerlid Mona Keijzer waarschuwde voor het politieke frame dat kan ontstaan door de bundeling. Volgens haar kan de indruk ontstaan dat wie bezwaar maakt tegen de verhoging, automatisch tegen verlichting per behandeling is. “Ik leen me daar in ieder geval niet voor,” zei zij, doelend op de druk die van zo’n gekoppeld wetsvoorstel uitgaat.
Reactie van coalitie en kabinet
Vanuit de coalitie kwam de boodschap dat het pakket in balans is en beleidsmatig bij elkaar hoort. VVD en CDA scharen zich achter de lijn van D66. Zorgminister Sophie Hermans (VVD) wees op de afspraken in het coalitieakkoord en benadrukte dat het kabinet de maatregelen zorgvuldig wil invoeren, met oog voor uitvoerbaarheid.
Tegelijkertijd erkende de minister dat de maatregelen verschillende startdata kennen. Volgens haar is dat onvermijdelijk vanwege de technische en organisatorische voorbereidingen voor tranchering. Implementatie bij verzekeraars, ziekenhuizen en ict-systemen kost tijd. Oppositiepartijen vinden dat argument onvoldoende, omdat de pijn voor verzekerden daardoor eerder voelbaar is dan de beoogde verlichting.
Wat betekent dit voor verzekerden?
Het eigen risico is het bedrag dat verzekerden zelf betalen voor zorg uit het basispakket, voordat de zorgverzekeraar de kosten vergoedt. Jarenlang lag dit op 385 euro. Met de voorgestelde wijziging loopt het op naar 520 euro in 2027. Dat raakt vooral mensen die jaarlijks zorg gebruiken die onder het eigen risico valt, zoals bepaalde ziekenhuisbehandelingen, diagnostiek en medicijnen.
De tranchering van 150 euro per behandeling kan dat effect later dempen. In plaats van dat iemand meteen het volledige eigen risico “wegbetaalt” bij de eerste grote zorgrekening, wordt het risico uitgesmeerd: per behandeling een vast maximum. Voor patiënten met meerdere losse behandelingen kan dat eerlijker voelen. Voor mensen met één grote behandeling verandert er minder, omdat de totale jaargrens leidend blijft.
Een belangrijk praktisch punt is hoe “een behandeling” wordt gedefinieerd. Gaat het om een dbc (diagnose-behandelcombinatie) zoals ziekenhuizen die administreren? Hoe wordt omgegaan met vervolgafspraken, controles en medicatie? Verzekeraars en zorgaanbieders zullen hierover duidelijke afspraken moeten maken om onverwachte rekeningen en discussies te voorkomen.
Gevolgen voor de uitvoering
Verzekeraars moeten hun systemen aanpassen om per behandeling het eigen risico te maximeren. Dat raakt declaratiestromen, controles en klantcommunicatie. Ziekenhuizen en huisartsen krijgen ermee te maken in de manier waarop zij trajecten administreren en factureren. Heldere definities, eenduidige coderingen en tijdige informatie voor verzekerden zijn cruciaal om fouten, naheffingen en klachten te voorkomen.
Daarnaast speelt het risico op hogere administratieve lasten, zeker in het overgangsjaar. Als de verhoging eerder ingaat dan de tranchering, kan dat extra druk zetten op klantenservices en betalingsregelingen. De sector vraagt daarom vaak om ruime invoeringstermijnen, testfases en duidelijke voorlichting vanuit overheid en verzekeraars.
Politieke verhoudingen en het vervolg
Politiek ligt het dossier gevoelig. De coalitie heeft in de Eerste Kamer geen meerderheid en zal dus steun buiten de eigen partijen moeten zoeken. Dat maakt het traject in zowel de Tweede als de Eerste Kamer spannend. De planning is om het wetsvoorstel voor de zomer door de Tweede Kamer te loodsen, zodat de uitvoerders voldoende tijd krijgen voor voorbereiding. Oppositiepartijen twijfelen of die timing realistisch is, juist vanwege de grote systeemaanpassingen die nodig zijn.
De komende weken draait het om twee vragen. Eén: is het verstandig en eerlijk om de maatregelen aan elkaar te koppelen terwijl ze op verschillende momenten ingaan? Twee: is de tranchering technisch en organisatorisch haalbaar binnen de beoogde termijn, zonder dat patiënten tussen wal en schip vallen?
Samenvatting en vooruitblik
Het kabinet wil het eigen risico in 2027 verhogen naar 520 euro en daar in 2028 een per-behandeling-limiet van 150 euro tegenover zetten. De bundeling van beide voorstellen in één wet moet het geheel consistent maken, zegt de coalitie. De oppositie vreest juist politieke druk, een onhandige volgorde en problemen bij de uitvoering.
Of het plan standhoudt, hangt af van de steun in het parlement en de zekerheid dat uitvoering haalbaar is. Krijgt de tranchering op tijd vorm en is de communicatie naar verzekerden helder, dan kan de schok van hoge zorgrekeningen kleiner worden. Lukt dat niet, dan dreigt een jaar waarin vooral de verhoging voelbaar is. De Kamer behandelt het voorstel op korte termijn verder; daarna is het woord aan de Eerste Kamer. Verzekerden, verzekeraars en zorgverleners wachten intussen op duidelijkheid over wat er precies wanneer verandert.









