De eerste werkdag van Dévy Rigaux als technisch directeur van Feyenoord leverde meteen een felle discussie op. De manier waarop de club zijn rol bij de presentatie neerzette, zorgde bij verschillende prominenten voor gefronste wenkbrauwen. In het tv-programma De Oranjezomer nam Dick Advocaat geen blad voor de mond en zette hij grote vraagtekens bij de gekozen toon en verdeling van verantwoordelijkheden binnen de top van de club.
Kern van de kritiek van Advocaat
Advocaat vond dat Feyenoord de positie van de nieuwe technisch directeur te zwaar aanzette. Volgens hem is de rol in de praktijk vooral ondersteunend en staat die ten dienste van de trainer en de algemeen directeur. In zijn optiek hoort een technisch directeur vooral het voorwerk te doen: spelers scouten, de markt verkennen en samen met de hoofdtrainer bepalen wie er binnenkomt. De trainer blijft volgens hem de centrale figuur in sportieve zin, terwijl de algemeen directeur, in dit geval Robert Eenhoorn, de eindregie voert over het totale beleid. Wat Advocaat stoorde, was dat tijdens de presentatie een andere hiërarchie werd gesuggereerd: alsof de technisch directeur de bepalende stem zou krijgen in het sportieve beleid.
Die zorg raakt aan een breder debat in het Nederlandse voetbal: hoe veel invloed moet een technisch directeur precies hebben? Bij sommige clubs wordt de functie ingericht als spin in het web, met een grote stem in transfers én in de technische koers. Bij andere verenigingen staat de technisch directeur nadrukkelijker in dienst van het trainersduo en de directie. Advocaat schaart zich duidelijk achter die laatste benadering en vond de presentatie van Feyenoord niet in balans.
Vragen rond de positie van Robin van Persie
Niet alleen de hiërarchie tussen technisch directeur en algemeen directeur kwam ter sprake. Ook de positie van trainer Robin van Persie werd tijdens de uitzending onder een vergrootglas gelegd. Tafelgast Chris Woerts noemde de persconferentie ronduit ongunstig voor de trainer. Zijn vrees: als de rol van de technisch directeur publiekelijk zo groot wordt gemaakt, kan dat de slagkracht en het gezag van de coach aantasten. En juist in de fase waarin een selectie wordt gevormd of bijgestuurd, is duidelijk leiderschap in de kleedkamer en op het trainingsveld onmisbaar.
Die interpretatie raakt aan een gevoelig punt. Trainers willen doorgaans dat er in de buitenwereld geen twijfel bestaat over wie sportief de lijnen uitzet. Zodra er onduidelijkheid komt over waar beslissingen worden genomen, kan dat doorwerken in de groep, in de staf en zelfs in gesprekken met nieuwe spelers. Als een kandidaat-transfer hoort dat de technisch directeur alle knopen doorhakt, kan dat anders landen dan wanneer de club duidelijk maakt dat keuzes in gezamenlijkheid worden gemaakt en dat de trainer daar volop in meepraat. Woerts liet doorschemeren dat hierover na de presentatie vragen zijn blijven hangen.
Ook kritiek richting Eenhoorn en het machtsevenwicht
Opmerkelijk was dat Advocaat niet alleen Rigaux’ rol ter discussie stelde, maar ook de manier waarop algemeen directeur Robert Eenhoorn zich tijdens de presentatie opstelde. Hij had meer tegenwicht verwacht, meer expliciete duiding van de verhoudingen. Die kritiek past in het idee dat duidelijke governance binnen een voetbalorganisatie essentieel is. Als vanuit de top niet helder wordt gecommuniceerd hoe verantwoordelijkheden zijn verdeeld, ontstaat ruis. En ruis is riskant in een periode waarin veel knopen moeten worden doorgehakt, zoals rond de samenstelling van de selectie en de contractpositie van spelers.
Analist en oud-trainer Cor Pot legde het nog scherper neer. Volgens hem leek het alsof Eenhoorn en Rigaux bewust wilden uitstralen dat zij de touwtjes stevig in handen hebben, met minder nadruk op de rol van de trainer. Dat is een keuze: centralisatie kan controle geven en snelheid in besluitvorming, maar vraagt ook om zorgvuldige afstemming met de technische staf om te voorkomen dat het ten koste gaat van draagvlak en vertrouwen.
Wie is Dévy Rigaux en welke opdracht ligt er?
Feit is dat Rigaux zijn nieuwe baan is begonnen in een omgeving met hoge verwachtingen. Een technisch directeur bij een topclub als Feyenoord krijgt automatisch te maken met een complexe agenda. Er moet worden gebouwd aan een selectie voor de korte termijn en tegelijk aan een sportieve lijn voor de langere termijn. Scouting, data-analyse, contractbeheer, doorstroming van eigen jeugd en de afstemming met de hoofdtrainer komen samen op zijn bureau. Daarbij hoort ook het managen van de markt: op tijd de juiste profielen identificeren, alternatieven paraat hebben en oog houden voor restwaarde en loongebouw.
In Rotterdam liggen er extra accenten. Het publiek is veeleisend, de ambities zijn groot en de lat is de afgelopen seizoenen door sportieve successen en Europese campagnes hoger komen te liggen. In zo’n context draait de opdracht voor een technisch directeur niet alleen om het halen en brengen van spelers, maar ook om het creëren van rust en voorspelbaarheid in beleid. Duidelijke processen, gemeenschappelijke taal met de trainer en transparante communicatie naar boven (de directie) en naar beneden (de staf en selectie) maken het verschil tussen reactief en proactief opereren.
Hoe de rol van een technisch directeur in de praktijk werkt
In de praktijk ziet een gezonde werkverdeling er als volgt uit. De algemeen directeur bepaalt het financiële kader en bewaakt de clubbrede strategie. Binnen dat kader bouwt de technisch directeur aan de sportieve organisatie: scoutingapparaat, datateam, medische staf, jeugd en contractmanagement. Hij is degene die lijsten met prioriteiten opstelt, profielen scherp krijgt en gesprekken met clubs en zaakwaarnemers coördineert. De trainer staat vervolgens aan het hoofd van het sportieve proces op het veld: speelwijze, trainingen, tactische keuzes en het begeleiden van spelers. Cruciaal is het overleg tussen TD en trainer: samen bepalen zij de wensen en prioriteiten, waarna de directie knopen doorhakt binnen het budget en de langetermijnvisie.
Waar het vaak misgaat, is in de communicatie. Als de buitenwereld de indruk krijgt dat één schakel alle macht heeft, raakt het evenwicht zoek. Intern kan dat voor wrijving zorgen, extern kan het beeldvorming en onderhandelingspositie verzwakken. Zeker in Nederland, waar de lijnen kort zijn en de media bovengemiddeld veel aandacht hebben voor bestuurlijke verhoudingen, loont het om vroeg en glashelder uit te leggen wie waarover beslist.
Wat betekent dit voor de transferzomer?
Of het nu gaat om aankopen, verkopen of contractverlengingen: de komende weken staan in het teken van keuzes. Als de rollen scherp zijn belegd en de routes kort zijn, kan Feyenoord snel handelen wanneer zich kansen voordoen. Voor een trainer is het prettig als profielen vroeg in het proces zijn afgestemd, zodat nieuwe spelers passen bij de speelwijze en de cultuur van de club. Voor een TD is het weer essentieel om plan A, B en C paraat te hebben, zodat je bij tegenslag niet verlamt.
Voor de buitenwacht is vooral van belang dat de boodschap consistent blijft: sportieve keuzes worden in gezamenlijkheid gemaakt. Als dat verhaal naar voren komt, kan de onrust na de presentatie snel wegebben. Blijft het onduidelijk, dan zullen geruchten over spanningen of verschillende agenda’s de kop blijven opsteken. En juist in een krappe en prijzige markt is eenduidigheid een troefkaart; het voorkomt dat onderhandelingen onnodig vertragen en helpt nieuwe spelers te overtuigen van het plan en de rol die voor hen is weggelegd.
De rol van media en de impact van beeldvorming
De timing en toon van een eerste persmoment zijn belangrijker dan ze lijken. Zo’n presentatie is niet alleen een interne mijlpaal, maar ook een visitekaartje richting achterban, sponsors en spelers. Een onduidelijke boodschap kan lang nadreunen, zeker wanneer prominenten als Advocaat, Woerts en Pot die onduidelijkheid publiekelijk benoemen. Tegelijkertijd geldt: één persmoment bepaalt niet de uitkomst van een seizoen. Met een heldere follow-up, aanvullende toelichting en vooral met daden op de transfermarkt en op het veld kan de club het verhaal snel naar zich toetrekken.
Het is daarbij logisch dat een nieuwe bestuurder zichtbaar wil zijn. Zichtbaarheid hoeft echter niet te betekenen dat hij ook de enige of grootste beslisser is. Door in interviews concreet te maken hoe de samenwerking met de trainer en de directie eruitziet, voorkom je dat er verkeerde conclusies worden getrokken. Zeker in een club als Feyenoord, waar emotie en identiteit diep verankerd zijn, werkt een open en praktische uitleg vaak het beste.
Wat zegt dit over de koers van Feyenoord?
De afgelopen jaren heeft Feyenoord een duidelijke stap gezet in professionaliteit, organisatie en sportieve resultaten. Met een nieuwe technisch directeur en een algemeen directeur die bekendstaat om structuur en rust, probeert de club die lijn vast te houden. De kritiek die nu klinkt, draait in de kern om balans: hoe houd je regie zonder de creativiteit en het vakmanschap van de trainer te smoren? Een centrale regie kan helpen om door te pakken en om beleid consistent te houden. Het risico is dat het te top-down overkomt. De kunst is dus om richting te geven, terwijl je de voetbalbeslissingen zo dicht mogelijk bij het veld neemt.
Wanneer Feyenoord erin slaagt om die balans goed te communiceren én te leven, kan de club de huidige onrust ombuigen naar vertrouwen. Dat vraagt om duidelijke spelregels, korte lijnen en zichtbare samenwerking tussen Rigaux, Van Persie en Eenhoorn. Voor supporters maakt het uiteindelijk minder uit wie het laatste woord heeft, zolang het elftal presteert en de keuzes logisch en uitlegbaar zijn.
Toekomst van Advocaat als adviseur: voorlopig niet
Los van de discussie over bevoegdheden kwam ook de persoonlijke rol van Dick Advocaat nog voorbij. Volgens Chris Woerts was er de vraag of hij na het WK als adviseur aan Feyenoord verbonden zou blijven. Advocaat maakte duidelijk dat dit niet aan de orde is. Hij gaf aan dat Van Persie daar wel voor open zou staan, maar dat er verder vanuit de club niets concreets is afgesproken. Daarmee lijkt die route voorlopig afgesloten. Dat neemt niet weg dat zijn stem in het publieke debat gewicht heeft, juist vanwege zijn staat van dienst in Rotterdam en in het Nederlandse voetbal in het algemeen.
Zijn opmerkingen zullen binnen en buiten de club ongetwijfeld zijn gehoord. In een omgeving waar voetbalinhoud en organisatie zo nauw in elkaar grijpen, zijn zulke signalen aanleiding om nog eens kritisch te kijken naar de manier van communiceren en samenwerken. Vaak is het niet nodig om structuren te veranderen; het helpt al om die structuren eenduidig uit te leggen en ze consequent toe te passen.
Samenvatting en vooruitblik
De start van Dévy Rigaux bij Feyenoord ging gepaard met stevige opinies over macht en verantwoordelijkheden. Dick Advocaat vond dat bij de presentatie te veel nadruk lag op de rol van de technisch directeur, waar volgens hem de trainer en de algemeen directeur leidend moeten zijn. Chris Woerts en Cor Pot deelden de zorg dat de positie van Robin van Persie onder druk zou kunnen komen te staan als de communicatie daarover niet glashelder is.
De kern van de oplossing ligt voor de hand: maak de taakverdeling expliciet, laat in woord en daad zien dat beslissingen in gezamenlijkheid worden genomen en vertaal dat naar de transferaanpak van de komende weken. Als Feyenoord daarin slaagt, kan de discussie snel wegebben en verschuift de aandacht weer naar waar het om draait: het bouwen van een sterke selectie, het ontwikkelen van spelers en het neerzetten van prestaties op het veld. De komende periode is daarin bepalend. Niet de woorden van de eerste persconferentie zullen het verschil maken, maar de keuzes die volgen.








