Valentijn Driessen haalt in zijn nieuwste column fel uit naar Ajax en trainer Oscar García. Volgens de journalist van De Telegraaf is het niet zozeer de vraag of het Nederlandse voetbal geholpen is met NEC als nummer drie, maar vooral hoe Ajax zichzelf in deze situatie heeft gemanoeuvreerd. In zijn analyse ziet hij een patroon van verkeerde keuzes, mislukte wedstrijden en onrust in de bestuurskamer, met een club die volgens hem structureel onder de maat presteert.
Harde diagnose van een gevallen grootmacht
Driessen’s boodschap is ontnuchterend: Ajax heeft zich in eigen land én in Europa repetitief geprofileerd als een club die onder zijn niveau presteert. Niet een incident, maar een lijn die zich door het seizoen heen aftekent. Waar de Amsterdammers jarenlang de lat bepaalden in de Eredivisie, ziet hij nu een elftal en een organisatie die daar zichtbaar van verwijderd zijn. In zijn woorden is Ajax bezig te veranderen in een ploeg die niet meer vanzelfsprekend tot de top behoort, met slechts af en toe een uitschieter omhoog.
Die constatering schuurt, juist omdat Ajax zichzelf graag ziet als de motor van de Nederlandse voetbalontwikkeling en een visitekaartje in Europa. Driessen draait er niet omheen: het imago van Ajax heeft een knauw gekregen en de recente resultaten helpen bepaald niet om het vertrouwen te herstellen.
Van topclub naar waarschuwing: de vergelijking met Anderlecht
Een van de scherpste observaties in de column is de vergelijking met Anderlecht. De Belgische recordkampioen werd in de afgelopen jaren het symbool van een gevallen grootmacht: nog steeds een naam met gewicht, maar sportief vaker subtop dan top, met sporadische hoogtepunten. Driessen ziet bij Ajax elementen van die ontwikkeling terug. Het is een waarschuwing in de vorm van een parallel: status biedt geen garantie op succes als beleid, selectieopbouw en trainerskeuze niet op orde zijn.
Die vergelijking is extra pijnlijk omdat Ajax in recente seizoenen nog volop meedeed in de top van de Eredivisie en in Europa tot de kwartfinales en halve finales wist door te dringen. Het contrast met nu benadrukt hoe snel het kan gaan wanneer sportieve en bestuurlijke keuzes niet samenkomen.
Trainer onder vuur: een week vol miscommunicatie en misgrepen
De scherpste pijlen richt Driessen op Oscar García. De Spaanse coach ligt onder een vergrootglas na een reeks uitspraken en keuzes die in zijn ogen slecht vielen. Na het duel met FC Utrecht zou García iedereen om zich heen hebben bekritiseerd en zichzelf hebben vrijgepleit. Enkele dagen later volgde een boude voorspelling over de landstitel in 2027, waarna Ajax in het daaropvolgende duel tegen sc Heerenveen sportief niets wist klaar te spelen. Driessen wijst daarbij op zowel de personele keuzes als de tactische opzet, die volgens hem moeilijk te begrijpen waren en vooral niet werkten.
Die ene week, met woorden die verwachtingen wekten en een wedstrijd die ze meteen weer onderuit haalde, werd voor de columnist een symbool van het huidige Ajax: onrustig in communicatie, wankel in uitvoering. Het beeld dat achterblijft, is dat van een trainer die onvoldoende aansluiting vindt bij de realiteit van het elftal en de competitie.
Kloof tussen trainer en spelersgroep
Daarmee raakt Driessen aan een tweede pijnpunt: de relatie tussen García en de spelers. Hij stelt dat er nauwelijks chemie is en dat wederzijds vertrouwen ontbreekt. Voor een ploeg die via de play-offs nog iets van het seizoen wil maken, is dat een riskante basis. Volgens Driessen oogt de afstand tussen trainer en kleedkamer te groot om op korte termijn te overbruggen, zelfs nu de inzet — Europees voetbal — hoog is. Hij betwijfelt openlijk of het elftal bereid of in staat is om een extra stap te zetten voor deze coach, juist na eerdere publieke uithalen richting de selectie.
Interessant is zijn vergelijking met eerdere trainers. In zijn duiding presteert García op dit moment minder overtuigend dan voorgangers als John Heitinga en Fred Grim. Daarmee raakt hij een gevoelige snaar: Ajax heeft de laatste jaren meerdere keren de bank moeten wisselen, maar de beloofde kentering blijft uit. Dat maakt elke nieuwe keuze extra precair.
Nog een trainerswissel in zicht?
De columnist gaat zelfs zo ver om te suggereren dat Ajax voor een vierde trainer binnen hetzelfde seizoen zou kunnen kiezen. Dat onderstreept hoe wankel de positie van García volgens hem is. Zulke wisselingen komen met een prijs: onduidelijkheid over speelstijl, een selectie die telkens moet schakelen en een cluborganisatie die geen rustmoment vindt om door te bouwen. Toch ziet Driessen in de huidige situatie weinig redenen om te geloven in een duurzame samenwerking met de Spanjaard.
Het is een klassiek dilemma voor clubs in crisis: vasthouden in de hoop op stabiliteit, of ingrijpen en het risico lopen dat de draaideur blijft draaien. Voor Ajax is de timing extra gevoelig, met de play-offs voor de deur en de kans op Europees voetbal nog levend.
Dreigende sportieve en financiële schade
De consequenties reiken verder dan het veld. Ajax is niet alleen een voetbalploeg, maar ook een merk met internationale uitstraling. Wanneer Europees voetbal uitblijft, raakt dat direct aan inkomsten, aantrekkingskracht op de transfermarkt en de positionering naar sponsors. Driessen wijst erop dat het gemis van Europees voetbal een harde klap zou zijn, zowel sportief als financieel. Voor een club die gewend is te investeren in talent en selectie, betekent dat in de praktijk: minder ruimte om te versterken, of keuzes die pijnlijker voelen.
Daarbij speelt mee dat het imago van de club onder druk staat. Incidenten en zwakke sportieve reeksen zorgen voor scepsis bij publiek en media. Een sterke eindsprint in de play-offs zou dat beeld kunnen verzachten, maar alleen wanneer er ook signalen komen van verbetering in spel, organisatie en leiderschap.
NEC als nummer drie: wat zegt dat over de Eredivisie?
In zijn inleiding vraagt Driessen zich af of het Nederlandse voetbal geholpen is met NEC als nummer drie. De achterliggende gedachte: als traditionele topclubs haperen, ontstaat ruimte voor subtoppers om door te schuiven. Dat is mooi voor de competitie in de breedte, maar het zegt ook iets over de verhoudingen. Voor de Eredivisie is het aantrekkelijk wanneer meer clubs meedoen om de bovenste plekken, maar de internationale concurrentiepositie leunt nog altijd op sterke resultaten van de grootste clubs. Wanneer Ajax, en soms ook andere topploegen, een mindere periode doormaken, komt de Europese coëfficiëntenbalans onder druk te staan.
Dat NEC op plek drie staat, vertelt ook een ander verhaal: goede keuzes in beleid, een herkenbare speelwijze en stabiliteit kunnen veel goedmaken. Waar Ajax worstelt met continuïteit, plukken clubs met een duidelijke lijn daar de vruchten van. Driessen draait het mes hier om: wie klaagt over de ranglijst, moet vooral naar zichzelf kijken.
Bestuurlijke verantwoordelijkheid en de rol van beleidsbepalers
Naast het sportieve houdt Driessen de leiding van Ajax een spiegel voor. In zijn column klinkt door dat beleidsfouten en onduidelijke aansturing bijdragen aan het rommelige beeld. Namen worden niet breed uitgemeten, maar de verwijzing naar Oscar García als vertrouweling van Jordi Cruijff is veelzeggend. Daarmee wijst hij op de lijnen waarlangs beslissingen worden genomen en de verantwoordelijkheid die daarbij hoort. In de praktijk betekent dit: de keuze voor een trainer, de samenstelling van de selectie en de manier waarop de club naar buiten communiceert.
Wie de vinger op de zere plek legt, kan niet om de keten heen: scouting, technisch beleid, medische staf, data-analyse, talentontwikkeling en communicatie. Als die niet naadloos samenwerken, leidt dat op het veld tot ruis. En precies dat is wat dit Ajax volgens de criticus te vaak toont. Bestuurlijke rust en heldere keuzes zijn daarom cruciaal om het tij te keren.
Wat Ajax nu sportief nodig heeft
Los van de vraag of García aanblijft, ligt er voor Ajax een directe opgave: de play-offs benaderen met een plan dat simpel, uitvoerbaar en geloofwaardig is. Dat begint met basisprincipes: organisatie zonder bal, duidelijkheid in de restverdediging, en heldere rollen voor creatieve jongens aan de bal. Tegelijk vraagt het om leiders in het veld die het elftal dragen op lastige momenten. Juist in knock-outduels draait het om concentratie, discipline en effectiviteit. Daar is geen ruimte voor onnodige risico’s of tactische experimenten die niet zijn ingeslepen.
Het helpt wanneer de staf de ruis weghaalt: minder grote woorden, meer praktische oplossingen. Kleine aanpassingen kunnen veel doen: een vaste as, een logische keuze op de flanken, en afspraken over wanneer en hoe hoog de ploeg druk zet. Als de basis staat, volgt het zelfvertrouwen vaak vanzelf. En dát kan in een play-offreeks het verschil maken tussen een verloren seizoen en alsnog een Europese zomer.
Vooruitblik op de halve finales van de play-offs
Ajax treft donderdag FC Groningen in de halve finale van de play-offs. Het is een duel met spanning in meerdere lagen. Groningen is traditioneel een lastige tegenstander, met fysiek vermogen, opportunisme en een fanatieke aanhang. Voor Ajax is het de kans om het verhaal van dit seizoen nog een beetje te herschrijven. De andere halve finale gaat tussen FC Utrecht en sc Heerenveen, twee ploegen die elkaar vaak weinig toegeven en in deze fase van het seizoen zelden cadeautjes uitdelen.
De opzet van de play-offs vraagt om scherpte vanaf minuut één. Wie thuis begint, moet voorkomen dat de spanning wegsijpelt; wie uit start, wil vooral in leven blijven voor de terugwedstrijd. In dat krachtenveld gaat het vaak om details: standaardsituaties, omschakelmomenten en de invalbeurten die het verschil maken in het laatste kwartier.
Wat Ajax betreft: een overtuigende eerste wedstrijd kan veel gedoe wegnemen. Een moeizame avond doet het omgekeerde. Precies daarom is de aanloop zo belangrijk. Rust in de koppen, helderheid in het plan en een elftal dat op elkaar vertrouwt. Dan kan een wankel seizoen alsnog eindigen met een plek in Europa — en de ademruimte die daarbij hoort.
De kern van Driessen’s boodschap blijft ondertussen hangen: wie wil oogsten, moet zaaien. Als Ajax weer structureel wil meedoen om de prijzen, begint dat bij duidelijke keuzes, een trainer die past bij de groep en beleid dat de lange lijn bewaakt. De play-offs zijn het examen van nu; de komende maanden bepalen of de club ook weer slaagt voor de jaren erna.
Samengevat: Driessen fileert Ajax hard in zijn column, met Oscar García als middelpunt van kritiek en een organisatie die volgens hem te vaak wankelt. De vergelijking met een gevallen grootmacht is een waarschuwing: reputatie alleen wint geen wedstrijden. Donderdag wacht FC Groningen en aan de andere kant van het schema treffen FC Utrecht en sc Heerenveen elkaar. In die korte serie is er weinig ruimte voor excuses. Het is nu aan Ajax om te laten zien dat het nog steeds weet hoe je onder druk presteert — én om te bewijzen dat dit seizoen een pijnlijke les is, geen nieuw normaal.









