Kraay verbaast zich over Míchel bij Sparta tegen Ajax
Op Het Kasteel keek Hans Kraay junior zijn ogen uit. Pal achter Ajax-trainer Míchel zag hij hoe de coach zich zichtbaar stoorde aan spits Tolu Arokodare, terwijl diezelfde spits later juist een belangrijke treffer voor de Amsterdammers maakte.
In zijn column voor Voetbal International beschrijft Kraay dat unieke zicht en het nerveuze tafereel. Hij zegt zelfs dat hij niet meer weet wie bij Ajax de nummer negen is, zoveel geschuif en twijfel ziet hij rond die plek.
Coach botst met Arokodare tijdens de wedstrijd
Volgens Kraay zat Míchel er kort op. De trainer vond dat Arokodare onvoldoende druk zette en te statisch speelde met balbezit. Op momenten dat de spits dacht los te komen, werd hij meteen weer stevig bijgestuurd vanaf de zijlijn.
Die voortdurende correcties bepaalden de toon van de middag. Kraay schetst hoe elke actie van Arokodare werd voorzien van nieuwe aanwijzingen, alsof zijn marge voor eigen initiatief minimaal was. Het leverde een gespannen wisselwerking op tussen coach en spits.
Doelpunt van Arokodare verandert de toon
Toch drukte Arokodare zijn stempel. Hij maakte de 1-2 voor Ajax, precies op een moment dat de kritiek nog niet was geluwd. Kraay noemt hem een koele afwerker en prijst de technische uitvoering waarmee de bal in het net verdween.
Het is die paradox die blijft hangen. Een spits die voortdurend wordt gecorrigeerd, maar ondertussen wél beslist. Voor Kraay onderstreept het dat Arokodare, hoe je hem ook beoordeelt in het spel, rendement blijft leveren in cruciale momenten.
Vragen bij Míchels systeemkeuzes na recente zeges
Na overtuigende zeges op FC Groningen, 2-5, en Atalanta, 2-0, verwachtte Kraay dat Míchel vast zou houden aan het nieuwe plan zonder klassieke buitenspelers. Continuïteit leek logisch, zeker omdat die aanpak net twee keer uitstekend had uitgepakt.
Toch gooide de trainer tegen Sparta het elftal en de accenten om, schrijft hij. Dat husselen verbaasde hem, want het team oogde juist fris in de eerdere duels. De ingrepen riepen vragen op naar de rode draad in Míchels keuzes.
Basisplaatsen voor Wijndal en Bouwman verdwijnen
Onder de wijzigingen vielen ook namen. Owen Wijndal en Aaron Bouwman raakten hun basisplaats kwijt, wat extra olie op het vuur van de discussie gooide. Niet alleen het systeem schoof, ook de hiërarchie binnen de selectie leek opnieuw verschoven.
Voor Kraay past dit in het bredere beeld dat hij schetst, met onduidelijkheid rond de spitspositie als scherpste voorbeeld. Als keuzes zo vaak wisselen, zo betoogt hij, wordt het lastig te voorspellen wie Míchel echt vertrouwt in de as.
Oog voor Ouazane links, Gloukh op de bank
Er was ook lichtheid in zijn verhaal. Kraay was blij met Abdellah Ouazane als linkerspits, in plaats van Oscar Gloukh. Hij genoot opnieuw van diens dribbels en vond dat vleugeltje precies het soort durf waar supporters warm voor lopen.
Die keuze noemde hij bijna een vervulde wens, zo vaak had hij er al op gehoopt. In een wedstrijd vol twijfels bood Ouazane volgens hem plezier en flair, een welkome tegenhanger van tactische schuiven en bitsige instructies langs de lijn.
Wat blijft hangen na Het Kasteel
Uiteindelijk blijft van die middag vooral een driedelige indruk hangen. Een onrustige, veeleisende coach, een spits die tegelijk bekritiseerd en beslissend is, en een reeks tactische keuzes die zelfs door ervaren volgers met opgetrokken wenkbrauwen worden bekeken.
De column van Kraay laat dan ook een simpele maar prikkelende vraag achter. Wie is nu de vaste nummer negen, en welk plan durft Míchel vast te houden wanneer de druk oploopt en de volgende wedstrijden zich razendsnel aandienen.








